Een jaar

16 september 2018

Vandaag een jaar geleden ben je gestorven.

Om kwart over twee hield je op met ademen, na een verschrikkelijk zware tijd voor jou en voor je dierbaren.

Dat je zo ziek was en zou sterven, was ondraaglijk, maar niet te vergelijken met de leegte die ontstond toen je overleden was.

Ik heb je geroepen en gezocht, ik heb gebeden en geschreeuwd, ik heb gekrijst als een kind, ik heb nachtenlang in wanhoop wakker gelegen en zag de uren traag voorbijtikken.

Ik begreep het niet. Nog steeds niet.

Hoe kan een man als jij, zo groot en sterk, zo zelfbewust en slim, doodgaan? Hoe kan het dat de man die al meer dan de helft van mijn leven aan mijn zijde was, zomaar ineens is weggesneden?

Waar ben je?

Er zijn momenten dat ik me voorstel dat je terug komt, ongeschonden weer in de kamer staat. Dat ik je stem weer hoor. Je tegen me aan kan voelen. God, wat zou dat heerlijk zijn!

Maar je komt niet terug. Er is een gapend gat dat jij achterliet, ook al zie ik je voortdurend voor me, in de duizenden gedaanten waarin ik jou de jaren hiervoor heb mogen leren kennen.

Ik mis je zo, Frank. Al 365 dagen.

Op de een of andere manier is 16 september 2018 – vandaag- voor mij een ijkpunt geweest. Als ik alle dagen van het jaar een keer zonder jou zou hebben doorgemaakt. Herhaaldelijk heb ik gedacht -en ook oprecht gemeend- dat ik mijn leven zou beeindigen als ik me op deze dag nog steeds zo wanhopig zou voelen. Ik moest gewoon een soort deadline hebben. Dat ik het verdriet mocht en kon stoppen als het op die dag niet minder zou zijn.

Het is vandaag 16 september 2018. Het verdriet is niet minder. Maar ik wil niet meer dood.

Ik houd zielsveel van onze kinderen en hun partners, ik houd van onze dieren, van ons huis en onze tuin. Ik houd van de vrienden die ik heb en ik houd -weer- van het leven.

Vandaag vieren we jouw leven, met een groot aantal vrienden en om kwart over twee heffen wij gezamenlijk het glas op jou, op de man die je was en op onze herinneringen aan jou.

En Frank, ik ga nog even door als mij dat gegund is.

Ik zal altijd van je houden en ik blijf altijd met jou getrouwd.

En er zullen altijd dagen blijven dat ik om je huil, dat ik je mis en er geen been meer in zie, dat ik de dekens hoog over mijn hoofd trek en in bed wil blijven, maar ik beloof je dat ik ook de goede dagen ga opzoeken.

Ik weet dat jij dat in mijn plaats ook zou doen.

Annemarie