Geluidloos schreeuwen

10-3-2018

Van verschillende mensen hoor ik dat ze mijn blog lezen. Ik krijg veel lieve reacties zoals: ‘Ik zie dat je het er nog erg moeilijk mee hebt,’ maar ook pogingen om mij uit mijn treurnis te trekken, met opmerkingen zoals: ‘Wordt het geen tijd eens over iets vrolijkers te schrijven?’

Frank is over een week zes maanden dood. Een half jaar.

Ik zweer dat ik alles doe om er ‘goed’ mee om te gaan. Ik sta iedere dag op, onderneem dingen, ontvang mensen en tracht mijn leven in mijn eentje een nieuwe vorm te geven.

Voor de buitenwereld lijkt dat bijna een opluchting: ik doe weer ‘normaal’ en ik lijk niet meer zo zielig. We gaan dus gewoon weer over tot de orde van de dag. Een enkele bekende vraagt nu en dan ongemakkelijk hoe het ermee gaat en als ik in alle eerlijkheid zeg dat het niet meevalt, lijkt dat een groen licht om snel over een ander onderwerp te beginnen, alsof men denkt mij met afleiding van deze vervelende gedachten af te helpen. (Vrienden die dichtbij staan, weten wel beter.)

Ik ben ervan overtuigd dat er geen kwade opzet in het spel is. Het probleem is -en dat hoor ik van meerdere lotgenoten- dat de buitenwacht gewoon niet weet hoe er met rouwende achterblijvers moet worden omgegaan. Vroeger was een weduwe of weduwnaar een jaar of langer in het zwart gehuld en werd met egards behandeld; tegenwoordig moet je na drie maanden je leven weer oppakken en het er liever niet meer over hebben.

We zijn niet opgevoed met de dood.

Toch zou het goed zijn als we er met zijn allen meer aandacht aan besteden. Er zijn heel veel mensen in de rouw!

Voordat Frank overleed had ik er ook geen idee van. Ik herinner me mijn ongemak als ik in de supermarkt of op straat een bekende tegenkwam die een dergelijke plaag moest doorstaan…

Ik liep snel door, of knikte even, bang om zo iemand te kwetsen door iets verkeerds te zeggen of te storen! Nu weet ik dat rouwenden voornamelijk vreselijk eenzaam zijn. Ze doen hun dingen, doen boodschappen en zien eruit alsof er niets meer aan de hand is, maar vanbinnen krijsen ze geluidloos in wanhoop. Hun leven is hen afgepakt en niets kan de leegte vullen.

Een beetje mededogen en aandacht kunnen echter al zoveel betekenen.

Wat moet je als buitenstaander nu in elk geval NIET doen? (dit lijstje is tot stand gekomen met behulp van mede-lotgenoten):

-Niet doen alsof je iemand niet ziet en snel doorlopen

-Niet vragen of je het ‘al een plekje hebt gegeven’ of ‘er al een beetje aan gewend bent.’

-Niet over iemand anders beginnen die ook kanker heeft gehad en nu ook….

-Niet vage beloftes doen en zeggen ‘als ik iets kan doen, dan…’

-Niet vragen of men al weer op het liefdespad is…

-Niet hele verhalen over banen of vakanties vertellen in de hoop afleiding te verschaffen.

Maar kan kan je dan WEL doen of zeggen?

Het belangrijkste is dat je je realiseert dat dit iedereen kan overkomen. Jou ook. Het zal je waarschijnlijk ook op een kwade dag overkomen. Wat heb jij dan nodig?

-Blijf staan als je een (jou bekende) rouwende tegenkomt en kijk hem of haar aan. Laat zien dat je het ziet.

-Vraag of hij of zij wil praten, maak contact. De rouwende is ver weg!

-Vraag hoe het gaat en luister naar het antwoord. Vraag door, ook al krijg je er misschien een knoop van in je maag. Luister goed. Je kunt er zelfs op termijn iets aan hebben.

-Laat zien en merken dat het je raakt. Wees vooral eerlijk! Ga geen peptalk geven, doe niet alsof je er verstand van hebt als je het zelf niet hebt meegemaakt. Laat merken dat je het ook niet weet.

-Zeg eerlijk wat je voelt, dat je het erg vindt, dat je het ook niet weet, maar erken dat je ziet wat iemand doormaakt.

-Vraag of iemand een kopje koffie met je wil gaan drinken, om even verder te praten

of kom met een ander concreet voorstel- en houd je daaraan!

-Blijf voor alles aandacht besteden aan de achterblijver! Vraag wat men nodig heeft. Zeker als je dat ook gedaan hebt tijdens het ziekbed en sterven van de partner. De achterblijver heeft echt veel aandacht nodig.

Buiten het straatcontact is het ook hartstikke fijn als je iemand af en toe eens opbelt om te vragen hoe het gaat. Een levenspartner verliezen is- ook al beleeft iedereen dat op zijn of haar eigen manier- vreselijk zwaar.

De mensen die dit meemaken kunnen iedere kruimel waarachtig meeleven hard gebruiken. Wees vooral eerlijk. Vraag of het uitkomt en als dat niet zo is, voel je dan niet afgewezen, maar bel een andere keer opnieuw.

Denk maar aan wat je zelf nodig zou hebben in deze omstandigheden en realiseer je vooral dat het verdriet om het verlies van je levenspartner niet iets is wat ooit ‘overgaat.’

Realiseer je dat veel rouwenden, ook al lopen ze stilletjes over straat, van binnen schreeuwen van ellende.

Ik ging laatst een winkel in en een bekende die ik daar tegenkwam, zei: ‘Ik weet niet wat ik moet zeggen’ en toen sloeg ze haar armen om me heen.

Ik zei: ‘Wat je nu doet, is precies wat ik nodig heb.’

Annemarie

4 gedachten over “Geluidloos schreeuwen”

  1. Lieve Annemarie jij beschrijft precies zoals het is. Je probeert altijd positief te zijn en vrolijk maar van binnen voel je je wel anders. Net wat je zegt het enigeste wat we nodig hebben is een beetje aandacht en dat iemand af en toe wat met je wil ondernemen. Groetjes een lotgenote.

  2. Heel goed omschreven. En blijf je zelf. Vrolijk ” doen” terwijl je hrt niet voelt heeft geen zin. Mensen moeten maar accepteren dat je in de rouw bent.

  3. Ha Lieve Annemarie, goed gesproken en geschreven, dank je wel. En nee je hoeft niet over vrolijke dingen te schrijven zolang je je nog niet vrolijk voelt ( en dat kan best nog een hele tijd duren. stevige knuffel van een lotgenote xxx

Reacties zijn gesloten.